Wat is een bokhoef?
Een bokhoef ontstaat doordat een pees en spier in het onderbeen te kort worden/zijn. Hierdoor trekt de diepe buigpees het hoefbeen naar beneden, waardoor er meer druk op de teen komt te staan en de hoef langzaam van vorm verandert.
Het is dus een aandoening waarbij een ezel zijn hielen niet volledig op de grond kan plaatsen. Hierdoor staat en loopt hij op zijn tenen, alsof hij een ballerina-houding aanneemt; vandaar de naam “Ballerina-syndroom”.
Symptomen & Gevolgen
- Tenenstand: De hielen blijven omhoog van de grond.
- Onbalans bij lopen: De ezel struikelt sneller of kan vallen door de verkeerde gewichtsverdeling.
Oorzaken:
- Aangeboren
- Verworven: Dit kan ontstaan door snelle groei, pijn, letsel of voedingsproblemen.
Behandeling:
- Fysiotherapie & hoefverzorging
Rekoefeningen: Het dagelijks rekken van de poten helpt de pezen te verlengen. - Hoefverlengingen: Speciale stukken aan de hoeven om de hielen beter te laten zakken.
- Oefenen op hellingen: Helpt om de hoeven op een natuurlijkere manier neer te zetten.
- Correctieve hoefijzers (speciaal beslag) om de hielen te ondersteunen en het lopen te verbeteren.
- Chirurgie: Bij ernstige gevallen kan een operatie aan de pezen nodig zijn.
- Algemene hoefzorg: Zeer regelmatig bekappen (interval <8 weken), schoonhouden en controleren om problemen vroeg te ontdekken.
Veulenhoeven:
De hoeven van veulens hebben een andere vorm dan een volwassen ezel. Allereerst worden zij geboren met hoeven waar een beschermende laag omheen zit.
Wanneer een veulen niet direct bekapt wordt, zullen de hoeven een dusdanige stand of vorm aannemen, die onomkeerbaar kan worden.
Bokhoeven bij ezelveulens:
In veel gevallen kun je een bokhoef bij een ezelveulen al direct na de geboorte zien.
Typische signalen bij een veulen:
- Het veulen staat hoog op de tenen, de hielen raken nauwelijks of niet de grond.
- De hoek van de hoefwand en die van de hiel, is veel steiler dan een gezonden hoef.
- Er is vaak een onnatuurlijke, stijve stand van het kootgewricht.
Bij sommige veulens is de afwijking duidelijk aanwezig bij de geboorte (aangeboren vorm). In andere gevallen ontwikkelt de standafwijking zich pas in de eerste weken of maanden, bijvoorbeeld door snelle groei, een scheve belasting, of pijn elders in het been.
Belangrijk: hoe eerder je een bokhoef behandelt, hoe beter het eindresultaat.
Bij jonge veulens kunnen fysiotherapie, aangepaste beweging, of speciale hoefcorrecties vaak nog veel herstel geven, terwijl het bij volwassen ezels lastiger of niet te corrigeren is.




